|
2233
VVD stelt schriftelijke vragen over onveiligheid en nieuw leven inblazen Reguliersdwarsstraat
Sinds enkele maanden is het overgrote deel van de horecagelegenheden in de Reguliersdwarsstraat gesloten. Dit hangt nauw samen met het faillissement van Plassaniabeheer BV, het moederbedrijf van wijlen Sjoerd Kooistra. Van de bekende Amsterdamse homo-uitgaansstraat is daardoor zo goed als niets meer over. Volgens diverse bewoners, ondernemers en bezoekers is de straat de afgelopen maanden ook onveiliger geworden. Er hebben een aantal inbraken plaatsgevonden en er zou regelmatig sprake zijn van vandalisme. De VVD wil dat stadsdeel Centrum zich inspant om de straat op korte termijn veilig te houden en waar mogelijk bijdraagt aan het nieuw leven inblazen van de straat. Namens de VVD-fractie hebben deelraadsleden Stefan de Bruijn en Hans Mensink de volgende schriftelijke vragen gesteld aan het dagelijks bestuur:
1. Volgens bewoners, ondernemers en bezoekers van de Reguliersdwarsstraat is de straat sinds het sluiten van de grote horecagelegenheden onveiliger geworden. In welke mate is er volgens het dagelijks bestuur sprake van toegenomen onveiligheid, overlast en vandalisme? Is het dagelijks bestuur voornemens aanvullende veiligheidsmaatregelen te nemen, zoals extra politiesurveillance etc.? Zo ja, welke? Zo nee, waarom niet?
2. De VVD erkent dat de rol voor de overheid in het algemeen en het stadsdeel in het bijzonder vrij beperkt is als het gaat om het stimuleren dat door een faillissement gesloten horecagelegenheden weer open gaan. Onduidelijk is echter welke rol de overheid nu o.a. achter de schermen neemt. Daarom de vragen: Wat heeft het stadsdeel tot op heden ondernomen als het gaat om het bespoedigen dat de horecagelegenheden weer open gaan? En wat is zij van plan om in de toekomst nog te ondernemen?
3. In de inleidende tekst gaven wij al aan dat van de Reguliersdwarsstraat als homo-uitgaansstraat zo goed als niets meer over is. Vanzelfsprekend hangt dit nauw samen met het sluiten van de horecagelegenheden, maar het probleem ligt ook dieper. Zo was er voor het sluiten van bekende gelegenheden als April, Soho, ARC, Exit etc. al sprake van een minder populair wordende straat. Het publiek nam af en was ook minder divers dan voorheen. Duidelijk is dat een nieuwe impuls voor de straat noodzakelijk is. Ook de overheid, en in het bijzonder stadsdeel Centrum, kan daaraan een bijdrage leveren. Bijvoorbeeld door het terrassenbeleid in de straat te verruimen, de straat op een groter deel van de dag af te sluiten voor autoverkeer, horecaopeningstijden vrij te geven, meer evenementen toe te staan en aanvullende maatregelen tegen onveiligheid te nemen. Daarom de vraag: Is het dagelijks bestuur bereid een visie op de Reguliersdwarsstraat te ontwikkelen waarbij o.a. aan de hand van bovenstaande punten wordt gekeken hoe het stadsdeel een impuls aan straat kan geven?
22 oktober 2010
|